|
De Eiffeltoren zien en beklimmen. Dat is wat hij wil. En de Mona Lisa zien, dat wil zij. Zelf wil ik vooral Parijs ervaren door de ogen van kinderen. Want met twee kinderen van 7 en 9 jaar en hun moeder - mijn vriendin -slenter ik dit weekend door de lichtstad.
Zus in TGV, al lezend in boek: "Wat zijn eigenschappen?" Vriendin: "Deze legt Elsbeth even uit." Ik: "Eh..." Broer: "Eigenschappen zijn als je bijvoorbeeld bij het water woont." Zus op straat richting Eiffeltoren: "Wat is er met die meneer?" Ik: "Die is dronken, die heeft heel veel wijn gedronken. Dat is een clochard." "Maar wat zei hij dan?" "Hij wilde iets aardigs tegen je zeggen.."
"Maar wat moet ik dan terugzeggen?"
Vriendin: "Je kunt gewoon 'bonjour!' zeggen en dan doorlopen."
Broer: "Maar dat is zo lastig als je in andere landen bent. Dan zeggen ze allemaal dingen tegen je, maar dan weet je niet wat je terug moet zeggen." Broer onder de Eiffeltoren met een sip gezicht: "ik moet plassen." Zus en broer, na een zelfgekozen maaltijd van ravioli, knakworst en stokbrood met la vache qui rit: "Als ik later zelf mag kiezen ga ik maandag ravioli eten, dinsdag patatjes, woensdag canneloni, en donderdag gehakt met rijst en aardappels, vrijdag pannekoeken, zaterdag pizza en zondag wat jij een keer voor ons gemaakt hebt met die pannekoekjes. En dan eet ik maandag ijs als toetje, dinsdag chocola, woensdag ijs, donderdag chocola, vrijdag ijs, zaterdag chocola en zondag ijs met chocola." Broer: "En ik eet een week alleen maar fruit. Maandag peren, dinsdag appels, woensdag banaan, donderdag ananas, vrijdag kersen, zaterdag sinaasappel en zondag druifjes." Broer op terrasje, met gezicht verborgen in jas naar vriendin en mij toe, (bij het hakkelig vragen om de rekening in ons beste Frans:) "Ik denk dat ik me heel erg voor jullie ga schamen." Ik: "Waar was je vandaag het meest trots op?" Zus: (na veel roltrappen stijgen en dalen in Centre Pompidou) "Dat ik nu alleen op de roltrap durf." Vriendin: "Dat ik niet steeds dacht dat ik van alles had gemist en nog meer moest zien in Parijs." Broer: "Dat ik niet wegliep toen die meneer tegen mij in het Frans begon te praten, maar zei "I, Hollander." |